sahaya header
European flag Sahaya.eu Donate now
   

sahaya logo

a USA-based 501(c)3 nonprofit organization (tax ID: 68-0434770)

NEW: NON-CASH DONATIONS

We can now also accept som non-cash items (e.g, old cars/boats, electronics, gift cards, etc), via our partnership with idonate.com. Tax receipts are provided.

Click HERE to get started.

Vehicle
Phone
Gift card
Commodities

Sign Up for Email Updates

"Sahaya song" by Sandeep Khurana

Sahaya on Facebook
 

twitter

Indian embroidered cards Indian cards
Quick links:
Orphan support programs
support hiher education
support a school
AmazonSmile

When you shop online, use Goodshop.com as your portal to over 5,000 retailers ranging from Sports Authority to Ulta and Staples. With every purchase you make, you will save money and Goodshop will donate up to 20% of what you spend, enabling Sahaya International to continue our important efforts, thanks to you! It only takes a moment to sign up and designate Sahaya International as your cause

Goodsearch
In addition, using Goodsearch as your search engine, you can earn 1 penny per search for Sahaya. Click on the picture above or here to get started. If you sign up and designate Sahaya International as your cause, you can even track how much you've earned for Sahaya International!

Cash Back
Use Giving Assistant to save money and support Sahaya International Inc.

Giving Assistant is free! Use it to make automatic donations to Sahaya International Inc.. 3-30% of your purchase prices at Home Depot and 3000+ retailers can go to help us.

Het artikel hieronder werd gepubliceerd als 3-delige serie in Kerk en Leven –Borsbeek tijdens de weken van 17, 24 en 31 januari 2007.

OP DE MOTOR DOOR ZUID-INDIA

Dagboeknotities van Koen Van Rompay

De dageraad breekt aan en het nachtelijke geluid van het kwakende koor van kikkers, dat resoneert vanuit de rijstvelden, gaat geleidelijk over in de familiaire geluiden van de ontwakende dorpjes. Vrouwen bereiden het ontbijt, of vegen met een bezem van hun hut proper, de straatverkoper fietst voorbij en roept “uppu” (zout) en op de achtergrond is het geluid van toeterende auto’s te horen. Terwijl we op een motorfiets langs kleine plattelandspaadjes voorbij stuiven, zie ik de mensen hun eenvoudige hutten verlaten. Mannen stappen met de ploeg op hun hoofd naar de velden. Vrouwen in mooie sari’s en met bloemensliertjes in hun giftzwarte haar gaan eten kopen. Jongens en meisjes, in proper uniform en met boekentas op de rug, stappen blootsvoets of op sandalen door de moddersporen van de regen van de voorbije nacht. Ondanks de materiele armoede en harde levenscondities hier slagen de meeste mensen zich erin verrassend goedgekleed en netjes voor te komen. De vogels en vlinders die hier voorbij vliegen…oh, het is zeer gemakkelijk om verliefd te geraken op deze streek. Nochtans realiseer ik me ook dat deze mensen zich merendeels onbewust zijn dat een vrij onzichtbare vijand, HIV, hier al aanwezig is, en langzaam het aantal dorpsbewoners aan het uitdunnen is.

In verre plattelandsstreken zoals hier, Andimadam, in Perambalur district in de Zuid-Indische staat Tamil Nadu, voedt de HIV epidemie zich op onwetendheid en onverschilligheid, wat in de hand wordt gewerkt door sociaal-economische condities van armoede, hoog analfabetisme, een zwakke gezondheidszorg-en infrastructuur, en culturele tradities die seksuele onderwerpen als taboe beschouwen. Omwille van hun lagere status zijn vrouwen extra kwetsbaar om het slachtoffer te worden van geweld, HIV, stigma, en verstoting. Voeg hieraan toe nog enkele andere ingrediënten, zoals de seizoenmigratie van mannen door de jaarlijkse droogte, belangrijke vrachtwagenroutes, en kwakzalvers die valse informatie verspreiden, en het is gemakkelijk om te begrijpen dat dit plattelandsdistrict, in verhouding tot de bevolking in dit district (ongeveer 1.2 miljoen), er een hogere incidentie van AIDS gevallen is dan in de meeste andere districten in Zuid-India.

Hoe ik hier als Vlaming in deze plattelandsstreek betrokken ben geraakt is een lang verhaal, en is eigenlijk een combinatie van toeval en bewuste keuzes. Nadat ik in 1989 mijn diploma in diergeneeskunde behaalde in Gent, ben ik naar Californië vertrokken met een studiebeurs van één jaar, en heb daar mijn onderzoek gestart op HIV/AIDS. Vervolgens werd ik in 1997 uitgenodigd om een AIDS conferentie in Chennai (het vroegere “Madras” in Zuid-India) bij te wonen. Die reis veranderde mijn leven grondig, want ik arriveerde voor de eerste keer in een ontwikkelingsland. Ik was geschokt door de armoede, en vooral door de vele kinderen die in armoede leefden m.a.w. zonder goede voeding, zonder een warme thuis, en zonder kansen op een goede opvoeding….kortom, allemaal zaken die wij als vanzelfsprekend beschouwen. Ik voelde me gefrustreerd door deze onrechtvaardigheid. Ik had kunnen proberen om na mijn terugreis naar Californië mijn ogen te sluiten en de herinneringen te onderdrukken, maar neen, …dat zou mijn geweten nooit toelaten. Ik moest op de één of andere manier proberen om er iets aan te doen. Maar hoe? Ik ben geen sociale werker, missionaris, politicus of advocaat…..ik ben maar een onderzoeker in een labo.

Gelukkig ontmoette ik op die conferentie een Indische sociale werker, Selvam is zijn naam. Selvam vertelde me over het werk dat hij verrichte via zijn kleine organisatie (Rural Education and Action Development, kortweg READ genaamd). Ik was sterk onder de indruk van hun inzet om de kinderen en vrouwen te helpen met het weinige geld dat ze hadden. Toen toonde hij me enkele kaarten, die met de hand geborduurd waren door vrouwen in zijn dorpen, en die ze probeerden te verkopen om deze programma’s te bekostigen. Ik was direct geïnspireerd door de artistiekheid en details van de kaarten, en zag dit als een manier om mijn steentje bij te dragen en dus ik hapte toe! Ik bestelde wat kaarten, verkocht ze aan familie en vrienden, en schreef en vertelde hen mijn reisverhaal.

Mijn interesse zette zich voort, en meer mensen begonnen te helpen met kaarten te verkopen. In een jaar hadden we ongeveer een duizend euro verzameld. Toen ik een jaar later, in 1998, nog eens naar in India reisde voor een conferentie, besloot ik om een paar extra dagen te blijven om naar de dorpen te reizen en Selvam en de projecten van READ te bezoeken. Pas dan besefte ik de waarde van het geld dat we hadden ingezameld. Het betekende voor een arme streek, waar de gemiddelde plattelandsbewoner minder dan een euro per dag verdient, enorm veel. Ik bezocht er de kleuterscholen en opleidingen voor meisjes (in naaien, typen, …). Ik bezocht ook de dorpen en ontmoette er de zelfhulpgroepen van de vrouwen. De vrouwen, die voordien een vrij geïsoleerd leven leidden in hun familie, leerden nu samen om geld te sparen, en micro-ondernemingen te beginnen, en samen gezamenlijke problemen in de dorpen op te lossen. Deze verbetering in economische status levert deze vrouwen geleidelijk ook een betere sociale status op, waarin ze meer respect krijgen van hun echtgenoten, families en dorpsgemeenschappen en zo het leven van hun kinderen kunnen verbeteren. Ik was ontroerd hoe efficient deze organisatie elke cent spendeerde, en dat motiveerde me om een stap verder te gaan en in 1999 zelf een non-profit organisatie op te richten in Californië, met de naam van Sahaya International (Sahaya betekent “help” in het Sanskriet). Hoewel ik er enkel tijdens mijn vrije tijd mee bezig ben, en het vanuit mijn klein appartement gebeurt, hebben we dankzij een goed team van vrijwilligers in Amerika en Europa toch snel vooruitgang weten te maken, en hebben nu o.a. ook projecten in enkele andere landen. Meer informatie is te vinden op het internet: http://www.sahaya.org.

Om terug de draad op te nemen over het probleem van HIV in onze dorpen in Indie, toen READ een enquête deed tussen november 2001 tot maart 2002, bleek dat de kennis van de bevolking over HIV en AIDS gevaarlijk laag was. Van de 10000 ondervraagden, die tot verschillende bevolkingsgroepen hoorden, had amper 41% ooit over HIV en AIDS gehoord, en enkel 63% van deze “wetende” bevolking (dus 23% van de totale bevolking) was op de hoogte van seksuele transmissie via onveilig vrijen; ongeveer 70% van deze “wetende” groep dacht verkeerdelijk dat HIV wordt voortgezet via aanraking, door in hetzelfde huis te wonen of door insecten. Deze zeer verontrustende statistieken drongen echter pas bij me door toen ik er een echt gezicht op kon kleven. Op een nacht ontmoetten we, in het geheim, een jonge HIV-positieve onderwijzeres. Haar man, die vroeger in Noord-India werkte, en met wie ze maar 4 keer geslapen had, was al van AIDS gestorven. Zijzelf, als trouwe echtgenote, was een onschuldig slachtoffer. Een plaatselijke “dokter” had haar aangeraden om het virus uit te hongeren door te vasten…wat natuurlijk totaal maar totaal verkeerd advies is. Terwijl ik met haar sprak lag haar 4-jarige dochtertje op haar schoot te slapen. Het meisje was gelukkig niet geïnfecteerd, maar de moeder was zo bezorgd om de infectie over te dragen via omhelzingen, of door van hetzelfde bord te eten, dat ze van plan was om dit meisje, die haar enige bron van sterkte en levenszin was, naar haar ouders te brengen in een andere Indische staat. Soms vergt het niet veel, enkel een simpel advies, om iemands leven al te kunnen veranderen.

Het is geen verrassing dat een dergelijk lage kennis een voedingsgrond is voor stigma’s, en via gesprekken met dorpelingen hoor ik verhalen dat mensen die via een HIV-test te weten kregen dat ze geïnfecteerd waren, uit hun familie of dorp verstoten werden, of zelfmoord pleegden. De weinige HIV-informatieprogramma’s die al gegeven waren in deze streek leden duidelijk aan tekortkomingen: een beperkt geïnteresseerd publiek, gebrek aan open dialoog en informatie in een verstaanbaar vocabularium. HIV preventieprogramma’s hebben weinig kans op succes tenzij ze geïntegreerd zijn in een bredere beweging die ook aan de sociale en economische oorzaken werkt. Omdat Selvam met de organisatie READ al volop bezig was met programma’s voor sociaaleconomische ontwikkeling en opvoeding, hadden ze al een goede verstandhouding met de plaatselijke bevolking. Dus ik vond dat de juiste fundering al gelegd was om HIV-programma’s uit te bouwen, en zo een milieu te scheppen voor open communicatie.

Ik herinner me dat ik me in 2001 afvroeg:“waarom kunnen de sociale werkers, die zoveel vaardigheden hebben, niet gewoonweg over HIV spreken wanneer ze in de dorpen zijn voor hun huidige activiteiten?”. Deze sociale werkers waren inderdaad zelf dorpelingen, en waren in het begin onzeker en te verlegen om in het publiek te praten over onderwerpen die verband hielden met seks. Een extra duwtje was nodig, en ik was me bewust dat een oplossing niet uit de lucht zou komen vallen, en dat om iets op gang te krijgen, deze man in de spiegel moest beginnen. Dus tijdens een eerste trainingsprogramma voor de sociale werkers van READ moest ik mijn eigen remmingen en verlegenheid overkomen. Met Selvam als vertaler, gaf ik specifieke informatie over HIV en AIDS, legden het ABC van HIV-preventie uit (in rangorde: “Abstinence” (abstinentie of onthouding), “Be Faithful” (trouw), “Condom” (condoomgebruik). We deden een condoomdemonstratie en lieten ook het houten model rond de tafel gaan om de sociale werkers te laten oefenen. De verlegen glimlachjes en zweetdruppels op hun voorhoofden verraadde dat ze wat zenuwachtig waren. Hoewel het programma kort was en mijn beperkte kennis van het Tamil een handicap was, bereikten we onze eerste stap: het ijs was gebroken!

Gedurende het volgende jaar kregen de sociale werkers nog meer trainingen in hun eigen taal over onderwerpen zoals seksualiteit, voortplanting, HIV en AIDS, communicatievaardigheden, en advisering. Dankzij deze trainingen kregen de sociale werkers het zelfvertrouwen om over zulke zaken te praten met de plattelandsbevolking. De sociale werkers gebruiken nu plaatselijk relevante middelen, o.a. via volkliedjes, straattheater, voordrachten, informatiebrochures, zelfklevers, en persoonlijke gesprekken, om zo onder de bevolking correcte HIV/AIDS informatie te verspreiden en ze tot beter gedrag aan te sporen. Vorig jaar heeft een beurs van de “Elton John AIDS Foundation” deze HIV-programma’s ook sterk geholpen. De sociale werkers zijn momenteel bezig om de leiders van de vrouwengroepen en om de plaatselijke barbiers voor mannen op te leiden tot “HIV opvoeders, zodat de kennis zich kan vermenigvuldigen onder de bevolking. Met beperkte financiële middelen zijn we begonnen met steun te geven aan personen en families die getroffen zijn door HIV, o.a. met medische hulp, de organisatie van een positief netwerk, en een sponsorschapprogramma voor weesjes.

highschool

Op een late avond, zit ik op de achterzit van Selvam’s motorfiets, terwijl we terugkeren naar ons dorp langs kleine, donkere zandwegen. Ik voel me moe maar tevreden na een hele dag gespendeerd te hebben in de verschillende uithoeken van het district. In enkele middelbare scholen hebben we geduldig vele vragen beantwoord die de studenten anoniem hadden neergeschreven op stukjes papier, omdat ze graag opheldering kregen over zoveel twijfels die hun gedachten bezig hielden maar die ze aan niemand konden of durfden vragen: “je krijgt geen HIV via muggen, of door te zwemmen in een meer waar juist een menstruerende vrouw gebaad heeft. En het hebben van seksuele gedachten betekent niet dat je HIV hebt. De leerkrachten waren ook dankbaar omdat ze nu HIV meer op een praktische manier begrepen, dit in tegenstelling tot de vage term in de schoolsyllabus:“HIV wordt voortgezet via immorele seks”. Na deze schoolprogramma’s waren we verder gereden naar een ander dorp om een voorstelling van het straattheater team van READ bij te wonen. Rondom het dorpsplein waren de dorpsbewoners, van jonge kinderen tot grootouders, verzameld, en zaten neer op de grond. De artiesten deden een show met trommels, muziek, traditionele dans, komische sketches en drama in de plaatselijke Tamil taal om zo het publiek op een ontspannende manier in te lichten met basisinformatie over HIV -en AIDS preventie en verzorging. Op het einde werd aan het publiek gevraagd om de voornaamste boodschappen samen te vatten, en de plaatselijke leiders van de vrouwengroepen aarzelden niet om naar de microfoon te komen. Terwijl dit hele tafereel zich voor mijn ogen ontvouwt, voel ik dat hier een sluier van religie en vooral veel hoop aanwezig is. Is het omdat ik hier, onder een open hemel, neerzit tussen de menigte van arme mensen, die luisteren naar die informatie die hun leven kan redden, dat het me doet denken aan Bijbelse taferelen die het leven van mensen in gunstige zin kan veranderen? Of is het omdat we vlakbij het kleine dorpskerkje zitten, en het grote kruis me eraan herinnert dat het katholieke geloof hier in Tamil Nadu het werk is van de apostel Thomas die, na Jezus’ verrijzenis, naar Zuid-India gereisd was en het woord van Jezus verkondigd had, en hier nabij Chennai ook begraven is. Terwijl ik vroeger in de godsdienstlessen en kerken moeite had om grote termen zoals “geloof” en “God” te omvatten, ben ik nu dankbaar en tegelijkertijd ook ontroerd dat ik dit hier kan bijwonen….want ik voel dat ik hier een grote stap in de juiste richting zet…en de echte essentie van het leven leer begrijpen.

Na de voorstelling van het straattheater, laat op de avond, passeren we op de lange terugweg weer doorheen de velden en de kleine dorpjes. De geuren van avondmalen die uit de hutjes komen, versterken mijn honger nog meer. De ontelbare sterren boven de donkere velden herinneren me eraan dat hoewel onze activiteiten een verschil maken in deze streek, er eigenlijk geen reden is voor een voldaan klopje op de schouders. Dit is immers maar een relatief kleine plattelandsstreek in zo’n groot land, en in zovele dorpen in India en in andere landen wordt nog altijd weinig of niets gedaan tegen armoede en ziektes zoals HIV. Dit is geen kwestie van “de wereld is te groot, we kunnen dat niet aan”, want als wij, mensen, via hersentechnologie, de meest afgelegen hoeken van de wereld weten te verbinden via internet en draagbare telefoons, hoe komt het dan dat basiskennis, solidariteit en medeleven daarin niet slagen?

Onwetendheid en onverschilligheid bestaan op vele niveaus. Relatief weinig financiële middelen zijn vereist om HIV informatiecampagnes te beginnen en te onderhouden. Nochtans, enkele uitzonderingen nagelaten, besteden de meeste nationale en internationale organisaties relatief weinig aandacht aan plattelandsstreken. Ook vele wetenschappers, ambtenaren, en veel andere gewone mensen zoals ik en jij, hebben de neiging om ons binnen de comfortzone van ons beroep op te sluiten, en onze angst achter excuses te verschuilen zoals “ik heb het te druk” of “ik kan het niet”, in plaats van een stem te worden voor de armen, voor de zieken, voor de rechten van vrouwen en kortom, voor de velen die onze hulp kunnen gebruiken, en soms zelfs in onze eigen omgeving wonen.
Uiteindelijk arriveren we aan het huis waar ik overnacht, een schooltje voor mentaal gehandicapte kinderen waar een extra kamertje voor me werd vrijgemaakt voor de maand dat ik hier verblijf. Mijn frustratie daalt een beetje na een heerlijke Indische maaltijd (chapattis met chutney) die door een zorgvuldige grootmoeder werd klaargemaakt. Nu mijn energie wat terug werd bijgetankt, dringt het tot me door dat cultuur, tradities, een gebrek aan training vaak een hindernis kunnen zijn, maar ook al te vaak worden gebruikt als excuses om de verantwoordelijkheid naar anderen te schuiven, en onze eigen stilte, voldaanheid, onwetendheid en onverschilligheid te verantwoorden. Muren en obstakels kunnen gebroken worden met inzet en vastberadenheid, maar de kiem voor verandering moet vanuit ons hart ontspruiten. De mensen hier tonen dat dit mogelijk is….

Outreach workers

 



sahaya logo

© Sahaya International, 2017; Webmaster: koen@sahaya.org

Donate now
Buy cards cards orphan school support higher education of promising students Indian embroidered cards